Wat er verandert in de postmarkt

PostNL-vrachtwagen bij het laaddock van Vogelaar in IJsselstein
Dagelijks vertrekt de post vanaf ons eigen laaddock in IJsselstein.

In het kort

  • Zakelijke post is niet gereguleerd. Er geldt geen wettelijke bezorgtermijn en geen tariefplafond. PostNL stelt de voorwaarden zelf vast.
  • Dat gaat over verreweg de meeste post. Ongeveer 95% van het volume komt van bedrijven en instellingen, en ongeveer 85% valt buiten de Universele Postdienst. Het nieuws gaat vrijwel altijd over de andere 15%.
  • Voor zakelijke post verdween de bezorging binnen 24 uur al op 1 januari 2025 — anderhalf jaar eerder dan bij de gewone post.
  • Sinds 12 juli 2026 geldt ook voor post onder de Universele Postdienst een termijn van twee werkdagen. Als het aantal brieven blijft dalen worden dat er drie, vanaf 2028 of 2029.
  • Snellere bezorging bestaat nog, maar als apart en duurder product via het pakkettennetwerk.
  • Per 1 januari 2028 komt Next Week Flex, en schuift de aanlevering op van vrijdag naar woensdag — twee volle productiedagen eerder. Dat is het goedkoopste product, dus dit raakt ook direct mail; niet alleen periodieken.
  • De Postwet wordt al zes jaar herzien. Het wetsvoorstel ligt sinds 30 maart 2020 bij de Tweede Kamer en is nog altijd niet aangenomen.

Eerst dit: er zijn twee soorten post, met twee heel verschillende regimes

In het nieuws gaat het bijna altijd over de Universele Postdienst — de UPD. Dat is de basisvoorziening die bij wet is geregeld: iedereen in Nederland moet post kunnen versturen en ontvangen. Daar horen regels bij. De minister legt de bezorgtermijn vast, de ACM bepaalt hoeveel PostNL gemiddeld mag rekenen, en er wordt op gehandhaafd. In mei 2026 kreeg PostNL nog een boete van bijna zeven miljoen euro omdat in 2023 89,48% van de UPD-post op tijd was in plaats van de vereiste 95%.

Maar vrijwel alles wat een bedrijf verstuurt, valt daar niet onder. Een mailing, een ledenblad, een factuurstroom, een periodiek: dat is zakelijke post, ook wel partijenpost. En daarvoor geldt dat hele stelsel niet.

Voor zakelijke post is er geen wettelijke bezorgtermijn en geen tariefplafond. Geen norm waaraan PostNL zich moet houden, geen maximum aan wat het mag kosten. De voorwaarden staan in de contracten en servicekaders die PostNL zelf opstelt.

En nu de verhoudingen

Hier wordt het interessant, want de aandacht en het volume liggen precies omgekeerd.

Aandeel van het volume
Post van consumenten± 5%
Post van bedrijven en instellingen± 95%

En als je kijkt naar wat er wél en niet wettelijk beschermd is:

Aandeel van het volume
Valt onder de Universele Postdienst± 15%
Valt daarbuiten± 85%

Die twee tabellen zeggen niet hetzelfde. De UPD is groter dan alleen consumentenpost: er zit ook zakelijke post in, zoals frankeermachinepost, internationale partijenpost en losse zakelijke stukken die via de oranje brievenbus gaan. Vandaar 15% en niet 5%.

Waar het op neerkomt: over ongeveer 85% van alle post die in Nederland wordt bezorgd, gaat de wet niet. Geen bezorgnorm, geen tariefplafond, geen toezicht op de voorwaarden. Terwijl het nieuws, de Kamerdebatten en de boetes vrijwel volledig over de andere 15% gaan.

Dat verschil is de kern van dit hele verhaal. Als je een mailing of een blad verstuurt, zijn de UPD-besluiten waar het in de krant over gaat voor jou vooral een indicatie van de richting — niet de regels waar jij mee te maken hebt.

Bron: Autoriteit Consument & Markt, “De postmarkt in transitie”.

Wat er met de zakelijke post is gebeurd

De veranderingen in de zakelijke post kwamen eerder dan die in de UPD, en gingen verder.

2023 — drie wijzigingen tegelijk. De maandagbezorging verdween. De zaterdagbezorging voor periodieken verviel, tenzij je een duurder tarief koos. En er kwam een eis om een dag eerder aan te leveren.

1 januari 2025 — de bezorging binnen 24 uur verdween. Voor zakelijke post werd twee dagen de standaard. Dat was anderhalf jaar voordat dezelfde stap voor de gewone post werd gezet.

2026 — de UPD volgt. Per 12 juli geldt ook daar twee werkdagen.

2027 — een nieuw servicekader, en drie dagen. PostNL wil de voorwaarden voor zakelijke post opnieuw aanpassen. De bezorging gaat naar drie dagen, en het aanlevermoment schuift op.

Zie je het patroon: de zakelijke post gaat voorop, de gereguleerde post volgt. Dat is ook logisch. Voor een wijziging in de UPD is een besluit van de minister nodig, een consultatie en soms een wetswijziging. Voor een wijziging in de zakelijke post is een aankondiging genoeg.

En er is geen uitwijk. Voor brievenbuspost is er in Nederland op dit moment geen tweede landelijk netwerk. Op de zakelijke postmarkt is PostNL daarmee een monopolist waarvan de voorwaarden niet gereguleerd zijn: één partij stelt eenzijdig de spelregels vast, en anders dan bij de Universele Postdienst is er geen bezorgnorm of tariefplafond waaraan die worden getoetst.

De bezorgtermijnen bij de Universele Postdienst

Voor de volledigheid, want dit is wat er in het nieuws komt en het geeft de richting aan:

VanafTermijnBezorgzekerheid
Tot juli 2026Volgende werkdag (D+1)95%
1 juli 2026Twee werkdagen (D+2)90%
2028 of 2029Drie werkdagen (D+3)95%

PostNL heeft de overgang naar D+2 op 12 juli 2026 doorgevoerd in zijn tarieven en producten.

Let vooral op die tweede kolom. De bezorgzekerheid is de norm waaraan PostNL zich bij de UPD moet houden: bij 90% mag één op de tien poststukken later aankomen dan de termijn. Bij zakelijke post bestaat zo’n norm niet. Reken bij een tijdkritische zending dus niet met een termijn, maar met een marge.

Wat het kost

Sinds 12 juli 2026 gelden nieuwe tarieven en een nieuwe indeling:

  • Standaardpost kost €1,40 per postzegel, en komt na twee werkdagen aan.
  • Snelle bezorging loopt via het pakkettennetwerk en is een apart product geworden: €3,25 voor rouwpost en €3,95 voor een spoedbrief.

Dat is een wezenlijke verandering. Snelheid zat vroeger in de prijs van de postzegel; nu koop je hem apart bij.

Per 1 januari 2028 komt daar Next Week Flex bij, het goedkoopste product voor zakelijke post. Wat dat gaat kosten is nog niet bekend; wat wel vaststaat is wat je ervoor inlevert — twee dagen speling in je planning. Zie het blok hieronder.

Voor partijenpost gelden andere tarieven dan voor de postzegel. Die staan in de tarievenboekjes die PostNL jaarlijks publiceert, en ze zijn sinds 2019 fors gestegen.

De postzegelprijs zelf steeg de afgelopen jaren met 8,3% (juli 2025) en 6,9% (januari 2026). Voor 2026 stelde de ACM de tariefruimte voor de Universele Postdienst vast op €3,1882 tegenover €2,9084 in 2025 — een stijging van 9,6%. Die tariefruimte is het maximum dat PostNL gemiddeld in rekening mag brengen, geen postzegelprijs, maar hij geeft wel de richting aan.

Next Week Flex: de aanlevering schuift twee dagen op

Op een webinar op 21 juli 2026 maakte PostNL bekend dat D+2 “slechts een eerste stap” is. Per 1 januari 2028 komt Next Week Flex, het product voor bezorging in de week erna. Daarbij verschuift het aanlevermoment van vrijdag naar woensdag.

Dit raakt iedereen, niet alleen uitgevers. Next Week Flex is de goedkoopste manier om post aan te bieden, en daarmee voor het overgrote deel van de zakelijke post de logische keuze. Wie daarvoor kiest, moet vanaf 2028 álles twee dagen eerder aanleveren. Een periodiek, maar net zo goed een direct mail-campagne of een mailing naar een adressenbestand.

En het schuift verder naar voren dan alleen jouw deadline. Twee dagen eerder aanleveren bij PostNL betekent dat alles ervóór ook twee dagen opschuift. Het drukwerk moet twee dagen eerder klaar zijn, dus de drukker moet twee dagen eerder aan de slag, dus het bestand en de proef moeten twee dagen eerder rond zijn. Voor wie een periodiek uitgeeft loopt die keten door tot in de redactie: redactiedeadline, advertentiesluiting en goedkeuringsronde schuiven allemaal mee.

Bij Vogelaar zit dat hele traject onder één dak — drukken, personaliseren, couverteren en versturen. Dat scheelt de overdrachten tussen partijen die normaal juist de dagen kosten die je nu kwijtraakt. Maar ook bij ons geldt: de klok begint twee dagen eerder te lopen.

En het raakt niet alleen jou. Omdat de piek voor álle verzenders tegelijk twee dagen naar voren schuift, wordt drukcapaciteit op maandag en dinsdag schaarser. Wie meerdere titels of campagnes heeft, krijgt ze straks allemaal op dezelfde dagen.

Het is bovendien niet de eerste stap in die richting. In 2023 verdween de maandagbezorging, verviel de zaterdagbezorging voor periodieken tenzij je een duurder tarief koos, en kwam er al een eis om een dag eerder aan te leveren.

Schema: het aanlevermoment voor post verschuift van vrijdag naar woensdag, twee dagen naar voren
Vanaf 1 januari 2028 gaat het aanlevermoment voor Next Week Flex van vrijdag naar woensdag.

Wat dit betekent voor jouw verzending

Voor een periodiek, ledenblad of magazine. De actualiteit in je blad wordt beperkt door de nieuwe deadline. Nieuws van dinsdag tot en met donderdag haalt het vrijdagnummer niet meer. Verenigingen die hun bestuursvergadering op dinsdag of woensdag hebben en de uitkomsten in het blad willen, lopen daar direct tegenaan.

Praktisch heb je twee routes: Next Week Flex nemen en inleveren op actualiteit, of kiezen voor een duurder product om de oorspronkelijke bezorgdag te halen. Welke van de twee verstandiger is, hangt af van je titel en van je verschijningsfrequentie — bij een vakblad dat vier keer per jaar met achtergrondverhalen komt ligt dat anders dan bij een weekblad dat op de actualiteit zit. Hoe vaker je verschijnt, hoe vaker je die twee dagen kwijtraakt, en hoe zwaarder het meetelt.

Voor een direct mail-campagne. Ook hier geldt de aanlevering op woensdag, zodra je voor Next Week Flex kiest. Plan achterwaarts vanaf de datum waarop de mailing op de mat moet liggen, niet vooruit vanaf het moment dat je klaar bent. Bij een actie die inhaakt op een evenement of een seizoen is die marge het verschil tussen op tijd en te laat. Goede doelen die op de actualiteit inspelen verliezen hier de meeste flexibiliteit.

Voor facturen en transactiepost. Termijnen die vanaf de verzenddatum lopen — betalingstermijnen, reactietermijnen, herinneringen — krijgen effectief een tot twee dagen minder ruimte. Loop na of je standaardtermijnen daar nog op aansluiten.

Voor je opslag en planning. Eerder aanleveren betekent dat drukwerk langer bij je of bij je verzendpartner staat voordat het de deur uitgaat. Dat kost ruimte. Reserveer drukcapaciteit daarom eerder dan je gewend bent — zeker rond de piekmomenten in het jaar.

Wat je nu al kunt doen

Reken terug vanaf de bezorgdatum. Niet “wanneer zijn we klaar”, maar “wanneer moet het op de mat liggen” — en dan terugtellen. Wij doen dat rekenwerk graag voor je.

Kijk of je servicekader nog past. Voor tijdkritische zendingen kan een sneller en duurder product logisch zijn; voor het meeste andere is Next Week Flex straks juist de verstandige keuze. Het loont om dat per titel of per campagne te bekijken in plaats van voor alles hetzelfde te kiezen.

Zet je redactieplanning nu al om. Als de aanlevering opschuift, schuift alles ervoor mee. Dat is makkelijker één keer goed inrichten dan elke editie improviseren.

Kijk verder dan de porto. Als de bezorging langzamer wordt, wordt de rest van de keten belangrijker. Denk aan een formaat dat efficiënter uit het drukvel komt, een selfmailer in plaats van een envelop, of een editie die onverpakt met adressering op de omslag de deur uit gaat.

Hoe het zover kwam

Beknopte chronologie voor wie de achtergrond wil.

2019 — PostNL neemt branchegenoot Sandd over. De ACM adviseerde negatief; de staatssecretaris keurde de overname alsnog goed op grond van het algemeen belang. De ACM voorspelde destijds dat de tarieven voor zakelijke post met 30 tot 40 procent zouden stijgen als de concurrentie zou wegvallen.

30 maart 2020 — Het wetsvoorstel om de Postwet 2009 te herzien wordt ingediend. Zes jaar later is het nog altijd niet aangenomen.

2023 — Voor zakelijke post verdwijnt de maandagbezorging en vervalt de zaterdagbezorging voor periodieken, tenzij tegen een hoger tarief. Er komt een eis om een dag eerder aan te leveren.

12 september 2023 — De Tweede Kamer verklaart het wetsvoorstel controversieel en legt de behandeling stil tot na de kabinetsformatie.

1 januari 2025 — Voor zakelijke post verdwijnt de bezorging binnen 24 uur; twee dagen wordt de standaard.

Augustus en september 2025 — De behandeling wordt hervat. Er komt een nota van wijziging, en de Kamer houdt op 3 september een rondetafelgesprek met deskundigen.

December 2025 — Het College van Beroep voor het bedrijfsleven oordeelt dat de overname van Sandd destijds niet had mogen worden goedgekeurd. De ACM is gevraagd te onderzoeken welke gevolgen daaraan verbonden moeten worden. Die uitkomst is er op dit moment nog niet.

December 2025 — Het kabinet wijst een verzoek af om de aanwijzing van PostNL als verlener van de Universele Postdienst in te trekken. Het oordeel: een tweede landelijk netwerk is in een krimpende markt niet haalbaar. In plaats daarvan worden de voorwaarden van de UPD aangepast — waaronder de bezorgtermijn.

Februari 2026 — De Tweede Kamer debatteert over het bijbehorende Postbesluit en dient vier moties in, onder meer over de bezorgbetrouwbaarheid bij D+3 en over toegang tot het landelijke netwerk voor regionale postbedrijven. Het wetsvoorstel zelf is dan nog steeds niet in stemming gebracht.

April 2026 — Het besluit wordt definitief; PostNL behoudt de aanwijzing.

Mei 2026 — De ACM beboet PostNL voor het niet halen van de bezorgnorm in 2023. Diezelfde maand laat de minister de Tweede Kamer weten dat verplichte netwerktoegang voor regionale postvervoerders in de herziene Postwet wordt opgenomen, met toezicht door de ACM en een overgangsperiode van vijf jaar.

Juli 2026 — De nieuwe termijnen, tarieven en producten gaan in. Op het webinar van 21 juli kondigt PostNL Next Week Flex aan, met een aanlevermoment dat per 1 januari 2028 van vrijdag naar woensdag gaat.

1 januari 2028 — Next Week Flex gaat in; het aanlevermoment schuift twee dagen op.

2028 of 2029 — De bezorgtermijn voor de Universele Postdienst gaat mogelijk van twee naar drie werkdagen, als het postvolume blijft dalen.

De nieuwe Postwet: zes jaar onderweg

Het wetsvoorstel om de Postwet 2009 te wijzigen — Kamerstuk 35423 — is ingediend op 30 maart 2020. Het is er nog steeds niet doorheen.

Dat is geen detail. Het verklaart waarom PostNL de voorwaarden voor zakelijke post intussen zelf blijft aanpassen: de wet die daar iets over zou moeten zeggen, is er niet.

De route tot nu toe:

WanneerWat er gebeurde
30 maart 2020Ingediend bij de Tweede Kamer
18 mei 2020Verslag van de commissie
28 september 2020Nota naar aanleiding van het verslag
28 november 2022Voortgangsbrief van de regering
12 september 2023Controversieel verklaard — de Kamer besluit het niet te behandelen tot er een nieuw kabinet is
25 augustus 2025Nota van wijziging: het voorstel wordt aangepast
3 september 2025Rondetafelgesprek met deskundigen in de Tweede Kamer
18 december 2025Nader verslag
11 februari 2026Tweeminutendebat over het bijbehorende Postbesluit, met vier moties
12 februari 2026Nota naar aanleiding van het nader verslag

Het voorstel staat nog steeds als “in behandeling bij de Tweede Kamer”. Het is dus niet aangenomen, niet verworpen en niet ingetrokken.

Dat het zo lang duurt heeft twee zichtbare oorzaken. In september 2023 verklaarde de Kamer het controversieel — een besluit om een onderwerp te laten liggen tot na de verkiezingen, omdat een demissionair kabinet er geen knopen over hoort door te hakken. En er is inhoudelijke kritiek.

Wat deskundigen erover zeiden

Op 3 september 2025 hield de Tweede Kamer een rondetafelgesprek met de ACM, postbedrijven, vakbonden en een onafhankelijk wetenschapper. Die laatste, Maarten Pieter Schinkel, hoogleraar mededingingseconomie en regulering aan de Universiteit van Amsterdam, noemde het voorstel “zeldzaam slecht”.

Zijn bezwaren gaan over twee dingen die juist voor zakelijke verzenders uitmaken:

  • Het afgiftetarief verdwijnt. Regionale postbedrijven nemen lokale post aan, maar daar zitten altijd brieven bij die buiten de regio moeten worden bezorgd. Onder de huidige Postwet moet PostNL die landelijk voor hen bezorgen tegen een gereguleerde, lage prijs — precies om concurrentie mogelijk te maken. Schinkel over het schrappen daarvan: “Het ministerie wil de gereguleerde lage uittarieven voor regionale bezorgers afschaffen. Dat versterkt de marktmacht van PostNL verder.”
  • De maximumprijs voor de postzegel wordt losgelaten. In plaats daarvan mag PostNL alle tarieven verhogen zolang de winst op het brievenbedrijf onder een bepaald maximum blijft. Schinkel noemt die zogeheten rate of return-regulering te soepel, en wijst op het risico dat kosten strategisch worden toegerekend.

Samen met andere economen bepleit hij een ander model: de postinfrastructuur nationaliseren en de gebruikslicenties periodiek veilen, met een sobere en politiek vastgestelde universele dienstplicht.

Dit is de opvatting van een onafhankelijke deskundige in een openbare hoorzitting, niet het standpunt van Vogelaar. We nemen het op omdat het verklaart waarom deze wet al zes jaar blijft liggen.

Het onderdeel dat voor verzenders het meest uitmaakt, is de verplichte netwerktoegang voor regionale postvervoerders. Als die er komt, ontstaat er op termijn — met een overgangsperiode van vijf jaar — voor het eerst in jaren weer een alternatief voor een deel van de zakelijke post. Op dit moment is dat er voor brievenbuspost niet.

Zelf lezen? Het volledige dossier staat openbaar:

In de pers

Deze veranderingen halen ook regelmatig het nieuws. Een paar stukken die het onderwerp goed dekken:

Onze eigenaar Mark Bonenkamp wordt in die berichtgeving regelmatig aangehaald, als voorzitter van de Postcommissie van het KVGO.

Daarnaast ligt er de uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven over de overname van Sandd. De ACM onderzoekt welke gevolgen daaraan verbonden moeten worden; wanneer daar duidelijkheid over komt, is niet bekend. Wat dat voor de markt betekent, valt op dit moment niet te zeggen.

Wij volgen dat op de voet, ook omdat onze eigenaar Mark Bonenkamp voorzitter is van de Postcommissie van het KVGO en van Stichting Postfilter. Zodra er iets verandert dat gevolgen heeft voor onze klanten, publiceren wij het hier.

Benieuwd wat dit voor jouw verzending betekent?

We rekenen graag met je mee, vanaf de datum waarop het op de mat moet liggen.

Vraag een prijs

Of bel ons op +31 (0)30 60 33 514.

Laatst bijgewerkt: 4 augustus 2026.